Vergeef niet zevenmaal maar tot zeventig maal zevenmaal

Vergeef niet zevenmaal maar tot zeventig maal zevenmaal

Berichtdoor Henny » Zo 19 Mei 2019, 08:48


Woorden van Jezus – Vergeef niet zevenmaal maar tot zeventig maal zevenmaal

'Toen kwam Petrus tot Hem, en zeide: Heere! hoe menigmaal zal mijn broeder tegen mij zondigen, en ik hem vergeven! Tot zevenmaal? Jezus zeide tot hem: Ik zeg u, niet tot zevenmaal, maar tot zeventigmaal zeven maal. Daarom wordt het Koninkrijk der hemelen vergeleken bij een zeker koning, die rekening met zijn dienstknechten houden wilde. Als hij nu begon te rekenen, werd tot hem gebracht een, die hem schuldig was tienduizend talenten. En als hij niet had, om te betalen, beval zijn heer, dat men hem zou verkopen, en zijn vrouw en kinderen, en al wat hij had, en dat de schuld zou betaald worden. De dienstknecht dan, nedervallende, aanbad hem, zeggende: Heer! wees lankmoedig over mij, en ik zal u alles betalen. En de heer van dezen dienstknecht, met barmhartigheid innerlijk bewogen zijnde, heeft hem ontslagen, en de schuld hem kwijtgescholden. Maar dezelve dienstknecht, uitgaande, heeft gevonden een zijner mededienstknechten, die hem honderd penningen schuldig was, en hem aanvattende, greep hem bij de keel, zeggende: Betaal mij, wat gij schuldig zijt. Zijn mededienstknecht dan, nedervallende aan zijn voeten, bad hem, zeggende: Wees lankmoedig over mij, en ik zal u alles betalen. Doch hij wilde niet, maar ging heen, en wierp hem in de gevangenis, totdat hij de schuld zou betaald hebben. Als nu zijn mededienstknechten zagen, hetgeen geschied was, zijn zij zeer bedroefd geworden; en komende, verklaarden zij hunnen heer al wat er geschied was. Toen heeft hem zijn heer tot zich geroepen, en zeide tot hem: Gij boze dienstknecht, al die schuld heb ik u kwijtgescholden, dewijl gij mij gebeden hebt; Behoordet gij ook niet u over uw mededienstknecht te ontfermen, gelijk ik ook mij over u ontfermd heb? En zijn heer, vertoornd zijnde, leverde hem den pijnigers over, totdat hij zou betaald hebben al wat hij hem schuldig was. Alzo zal ook Mijn hemelse Vader u doen, indien gij niet van harte vergeeft een iegelijk zijn broeder zijn misdaden, Matth. 18:21-35.'


De Heere Jezus leert dat alles wat de voortgang van het Koninkrijk der hemelen in de weg staat moet voorkomen worden. In de context van de ergernis en de aanstoot die mensen elkaar kunnen geven, hebben wij gezien hoe belangrijk het is om de broeder of zuster die tegen ons gezondigd heeft, te vergeven. Nu komt Petrus met de vraag hoe vaak we de broeder moeten vergeven die tegen ons zondigt. Een hele goede vraag en een vraag die het overdenken meer dan waard is. Als wij een hand over ons hart halen en de broeder of zuster vergeven dan is het voor ons de grote opdracht om te blijven staan in die vergevingsgezinde geest. Als broeder Jan tegen mij zondigt, hij zijn schuld erkent en ik het hem vergeef, dan is het de vraag hoe ik reageer als de situatie zich opnieuw voordoet. Moet ik opnieuw vergeven en zo ja tot hoe vaak? Petrus vraagt of hij tot zevenmaal moet vergeven? Jezus antwoord; 'niet tot zevenmaal maar tot zeventig maal zevenmaal.'

Vanuit menselijk perspectief bekeken, een onmogelijke opdracht, ik vind zevenmaal al heel veel, ze moeten je maar eens pijn doen en dan na vergeving weer pijn doen en dan maar blijven vergeven. Zeventig maal zevenmaal, dat is vierhonderdennegentig maal. Nee, dat is niet te bevatten. Gelukkig heeft de Heere Jezus Zijn antwoord onderbouwd en krijgen wij een dieper inzicht waarop onze vergevingsgezindheid gegrond zou moeten zijn.

Het Koninkrijk der hemelen wordt vergeleken bij een koning die zijn onderdanen ter verantwoording roept. We zien een schuldige voor de koning staan. Tienduizend talenten staat hij in de schuld bij zijn heer. Voor ons beeld; 1 talent staat gelijk aan 6000 penningen, 1 penning staat gelijk aan een gemiddeld dagloon. De man die hier voor de koning staat heeft dus een schuld van 10.000 x 6.000 daglonen, dat is omgerekend zo'n 200.000 jaar werken. Wij zouden zeggen, een niet te betalen schuld. De man die niet kan betalen, krijgt te horen dat hij samen met vrouw en kinderen en alles wat hij heeft, verkocht zal worden, want de schuld moet worden betaald. De knecht valt neer en smeekt: 'Heere, wees lankmoedig over mij, en ik zal alles betalen.' De koning is een barmhartige man en innerlijk bewogen, ontfermt hij zich over de schuldige door hem alles kwijt te schelden. Wat een genade! Onbevattelijke goedheid, wat een blijdschap moet het hart van deze man vervuld hebben. Maar kijk, daar loopt hij over straat, ziet een ander lopen en grijpt hem bij de keel en zegt: 'Betaal mij wat gij schuldig zijt.' De benauwde man valt aan zijn voeten en smeekt om genade en wil alles betalen. Ja hij zal zijn best doen om die 100 penningen te betalen. Maar de man weet van geen genade en werpt hem in de gevangenis totdat de schuld betaald zou zijn.

Om dit verhaal in een duidelijke verhouding te plaatsen zien we hier de man die zojuist vergelijkenderwijs van zes miljoen euro is verlost een ander bij de keel grijpen waarvan hij nog één euro tegoed heeft.

De koning krijgt het te horen van verdrietig geworden knechten en laat hem direct komen. 'Gij boze dienstknecht, al die schuld heb ik u kwijtgescholden, dewijl gij mij gebeden hebt; Behoordet gij ook niet u over uw mededienstknecht te ontfermen, gelijk ik mij over u ontfermd heb?' Boos laat de koning de knecht overleveren aan de pijnigers totdat alles betaald zou zijn.

Ongetwijfeld zult u net als ik verontwaardigd zijn over het gedrag van deze ondankbare vrijgekochte knecht die liet zien niets te begrijpen van genade. Juist dit is de bedoeling van het onderwijs dat de Heere Jezus ons hier geeft. Hij zegt: 'Alzo zal ook Mijn hemelse Vader u doen, indien gij niet van harte vergeeft een iegelijk zijn broeder zijn misdaden.'

We moeten diep doordrongen zijn van wat vergeving nu precies is, als we dit missen dan zullen we anderen niet kunnen vergeven. Als wij beseffen dat ons een onbetaalbare schuld vergeven is, zouden we dan de gebreken, hoe pijnlijk soms ook, van onze broeder en zuster niet kunnen vergeven?

Wij mensen hebben gezondigd tegen God, de Schepper van hemel en aarde en niets kan dit van onze kant nog goedmaken. Geen werk, hoe goed ook, kan de schuld die gemaakt is vereffenen. Nu is Jezus Christus de Zoon van God gekomen om te betalen wat wij niet kunnen betalen. God de Vader biedt ons genade aan en allen die Zijn genade ontvangen zijn vrij van de schuld. De enige manier om die genade te ontvangen is door het geloof in de Heere Jezus Christus. Als wij onze schuld overdenken, onze zonden belijden en Hem omhelzen als onze Heiland en verlosser, ja als wij Hem aanvaarden als het offer dat voor ons gebracht is en Vader daarvoor danken, dan mogen wij weten verlost te zijn. 'Maar zovelen Hem aangenomen hebben, die heeft Hij macht gegeven kinderen van God te worden, namelijk die in Zijn Naam geloven, Joh. 1:12.' Door het geloof is alles wat in de weg staat, weggenomen en als vrijgekochte kinderen van God mogen wij Zijn liefde leven en delen. Wat een genade, zouden wij als wij die genade kennen ook niet genadig zijn naar onze broeders en zusters die net als wij nog zo gebrekkig zijn?

De schuld die een broeder of zuster bij ons heeft moeten wij in het perspectief zien van dat wat ons vergeven is, dan kan het niet anders of het door God vernieuwde hart, zal in vergevingsgezindheid de broeder en zuster behandelen zoals God ook ons behandelt.

Dit levensbelangrijke onderwijs komen we door heel de Bijbel tegen. Als de Heere Jezus ons leert bidden zegt Hij: 'Onze Vader Die in de hemelen zijt... vergeef ons onze schulden gelijk ook wij vergeven onze schuldenaren....' En dan zegt Hij: 'Want indien gij den mensen hun misdaden vergeeft, zo zal uw hemelse Vader ook u vergeven. Maar indien gij de mensen hun misdaden niet vergeeft, zo zal ook uw Vader uw misdaden niet vergeven, Matth. 6:14,15.' In Markus lezen we: 'En wanneer gij staat om te bidden, vergeeft, indien gij iets hebt tegen iemand; opdat ook uw Vader, Die in de hemelen is, ulieden uw misdaden vergeve, Mark. 11:25.' Zonder vergeving is er geen leven mogelijk. Zonder Gods vergevende genade zijn wij voor eeuwig verloren, nu worden wij allen opgeroepen om net zoals wij vergeven zijn, ook anderen te vergeven. Als we dan de schuld van onze broeders en zusters aan ons, plaatsen in het licht van de schuld die wij hadden tegenover God, dan zullen wij niet anders kunnen dan vergeven. Paulus zegt: 'Verdragende elkander, en vergevende de een den anderen, zo iemand tegen iemand enige klacht heeft; gelijkerwijs als Christus u vergeven heeft, doet ook gij alzo, Kol. 3:13.'

Hoe staat het met ons, staan wij recht tegenover God en tegenover onze naasten of zullen wij straks overgeleverd worden aan de pijnigers om een schuld te moeten betalen die nooit te betalen is? Als wij beseffen hoe groot onze schuld tegenover God is, als wij onze knieën voor Hem gebogen hebben en Zijn genade dankbaar ontvangen hebben, dan kan het niet anders of wij leren handelen zoals Jezus gehandeld heeft. Dan zullen wij, zonder te tellen, blijven vergeven terwijl wij ons verblijden in de vrijheid die ons is gebracht door het offer van onze lieve Heiland. Zo niet, vlucht dat toch tot Jezus en laat Hem uw schuld verzoenen. Jezus Christus is gekomen om zondaren zalig te maken, de prijs is betaald en iedereen is welkom om uit genade met God de Vader verzoend te worden. Al is uw schuld nog zo groot, schroom niet om uw toevlucht tot Jezus te nemen, nog nooit is iemand door Hem weggezonden.

Broeders en zusters in onze geliefde Heiland, verblijdt u in de Heere en behandel elkaar zoals God ons in Christus behandelt. Amen, nog even en we zullen voor altijd met Hem zijn.

Geproken tekst: https://www.youtube.com/watch?v=XrHq4LR0_hw


Wilco Vos

https://www.bijbelseoverdenkingen.nl

Henny
Beheerder
 
Berichten: 17519
Geregistreerd: Wo 21 Jan 2009, 17:45

Terug naar Weekoverdenking

Wie is er online?

Gebruikers in dit forum: Geen geregistreerde gebruikers en 1 gast

cron